Ad fundum! Een blik in de gevarieerde drinkcultuur van het Nederlandse studentenleven.

Ad fundum

Dit onderzoek is tot stand gekomen met subsidie van het Nationaal Instituut voor Gezondheidsbevordering en Ziektepreventie
Uit het onderzoek blijkt dat leden van studentenverenigingen beduidend meer drinken dan andere studenten: gemiddeld 23 glazen per week (mannen 27; vrouwen 12) tegenover 13 glazen (mannen 16; vrouwen 7). Studenten drinken ook vaker en meer alcohol per week dan hun leeftijdsgenoten. In een 'normale' week drinkt 35% van de mannelijke studenten meer dan 20 glazen en 13% van de vrouwelijke studenten meer dan 15 glazen (dit zijn globaal de grenzen waarboven het alcoholgebruik riskant is). In een 'heftige'week drinkt ruim 50% van de mannelijke en ruim 30% van de vrouwelijke studenten boven het aanvaardbare niveau. Bij veel studenten stijgt het alcoholgebruik in het begin van de studietijd. Dit geldt niet alleen voor de hoeveelheid die per keer gedronken wordt maar ook voor het aantal keer dat per week wordt gedronken. Aan het eind van de studie neemt het alcoholgebruik vaak weer wat af, maar blijft hoger dan in het begin van de studie.
Het alcoholbeleid van de studentenverenigingen blijkt één de bepalende factoren voor het relatief hoge alcoholgebruik. De drank is er bijvoorbeeld goedkoop (gemiddeld f 1.60 voor een glas bier), er zijn vaak aanbiedingen (het drankje van de maand), studenten krijgen korting bij het bestellen van grote hoeveelheden (meterkortingen, de jerrycan, drie halen twee betalen) en er zijn momenten waarop de drank extra goedkoop is (bijvoorbeeld tijdens het tank-je-rot-uur). Studenten die te laat komen moeten zogenaamde strafadjes drinken (van ad fundum oftewel tot de bodem). Degene die in een jaar het meeste bier heeft gedronken krijgt de gerespecteerde titel Hijsgijs. Ook worden wel spelletjes gedaan als het taphangen, de 100 potten race (waarbij de deelnemers binnen 24 uur honderd biertjes moeten drinken, hetgeen overigens zelden lukt) en de Adjescup (een wedstrijd waarbij het bier in één keer achterovergeslagen dient te worden). Tot slot zijn er nog de themafeesten rond alcohol, de leegdrinkavonden als het Zuip-de-kelder-leeg-feest of het Tank-moet-leeg-feest en de sponsorborrels en actiefeesten waarbij de verenigingskas aan een goed doel wordt geschonken (Drinken voor Kosovo).
Studenten zeggen in het onderzoek dat de sociale controle onder leden van studentenverenigingen risicoverlagend werkt. Er is een groot verantwoordelijkheidsgevoel bij verenigingsleden in geval van alcoholmisbruik. Iemand kan worden afgetikt, de persoon wordt er dan op gewezen dat-ie te veel gedronken heeft. Er wordt dan eventueel een lift geregeld. De verenigingen geven aan er alles aan te doen om overlast zoveel mogelijk te beperken en incidenten binnenshuis op te lossen. Hierdoor leidt, volgens hen, overmatig alcoholgebruik van verenigingsleden niet snel tot ernstige incidenten. De tolerante drinkcultuur kan volgens de onderzoeker wel bevorderend zijn voor de gevolgen van overmatig alcoholgebruik op langere termijn (lichamelijke klachten en verslaving).

Category: Alcohol en alcoholpreventie
File Size: 29.38 KB